Gratis woordenlijst · groep 7 · 152 woorden

Dicteewoorden groep 7 — oefenlijst per spellingcategorie

De dicteewoorden van groep 7 zijn echte weetwoorden: leenwoorden als portemonnee, trema’s als reünie en de apostrof. Deze lijst komt uit onze geverifieerde woordenbank op groep 7-niveau, geordend per spellingcategorie, met bij elk woord een voorbeeldzin en een afspeelknop met echte uitspraak. Zo beluistert je kind elk woord zo vaak als nodig — en oefent het daarna direct online, iets wat een papieren lijst niet kan.

Print de lijst via je browser (Ctrl+P of Cmd+P) voor een ouderwets dictee op papier: jij leest de zin voor, je kind schrijft. De afspeelknop online is er voor de dagen dat je kind zelfstandig oefent.

natuurlijk

natuurlijk mag je een stukje van mijn appel.

informatie

Op het bord staat alle informatie over de schoolreis.

geschiedenis

In de les geschiedenis leren we over de ridders.

uiteindelijk

Na lang twijfelen koos Daan uiteindelijk toch voor de blauwe schoenen.

organisatie

De organisatie van het schoolfeest kostte veel tijd.

aanwezig

Iedereen die aanwezig is, doet mee.

actief

In de pauze is Daan altijd actief op het schoolplein.

hoogte

De hoogte van de toren maakte iedereen duizelig.

tegenwoordig

tegenwoordig heeft bijna ieder kind een eigen telefoon.

kennis

Door veel te lezen krijg je steeds meer kennis.

makkelijk

Vond jij de toets ook zo makkelijk?

verantwoordelijk

Als groepsleider ben jij verantwoordelijk voor het opruimen na de les.

vrijheid

Op 5 mei vieren we de vrijheid in Nederland.

gevangenis

De boef werd opgesloten in de gevangenis van de stad.

foto's

Op de foto's van het schoolreisje lacht iedereen.

auto's

De kinderen spelen met de auto's.

video's

Op zijn telefoon staan grappige video's van zijn hond.

pagina's

De meester vroeg ons wie die pagina's eruit gescheurd had.

radio's

Boven op zolder staan twee kapotte radio's.

baby's

In het ziekenhuis liggen vandaag drie nieuwe baby's.

risico's

Bij gevaarlijke sporten horen altijd een paar risico's.

oma's

Tijdens het feest dansen alle oma's gezellig mee.

Maria's

Maria's broer is morgen jarig.

cd's

Op zolder vond ik een doos met oude cd's van mijn ouders.

agenda's

De juf deelt nieuwe agenda's uit voor het nieuwe schooljaar.

opa's

Op zondag spelen onze opa's samen een spelletje kaart.

taxi's

In New York zijn de taxi's knalgeel.

duo's

Tijdens de talentenshow traden er drie zingende duo's op.

auteur

De auteur van dit spannende boek komt op school voorlezen.

pauze

Tijdens de pauze spelen de kinderen buiten op het plein.

vrouwelijk

Een merrie is een vrouwelijk paard.

stoute

Het stoute jongetje plaagde de hele dag de kat.

pauw

In de dierentuin spreidde de pauw zijn prachtige staart open.

rauwe

De kok sneed een paar plakjes rauwe vis voor de sushi.

automaat

Uit de automaat op het station kun je een kaartje kopen.

toeschouwer

Elke toeschouwer langs het veld juichte voor het team.

benauwd

In de warme bus kreeg Tom het erg benauwd.

flauwekul

De juf zei dat al dat gekwebbel achter in de klas pure flauwekul was.

houtskool

Papa legt houtskool in de barbecue voordat hij gaat grillen.

rauwkost

Mijn moeder doet aan de lijn, daarom eet ze zoveel rauwkost.

helaas

helaas, de wedstrijd gaat niet door vandaag.

absoluut

Minke wil absoluut geen vlees eten.

afspraak

Ik heb om vier uur een afspraak bij de tandarts.

interessante

Doe jij graag mee met die interessante spelletjes?

Spaans

Op vakantie heb ik een beetje Spaans geleerd.

breed

De bokser is breed gebouwd.

verschrikkelijk

De storm maakte een verschrikkelijk lawaai op het dak.

extreem

Hoewel het extreem hard stormde, werd de post gewoon bezorgd.

spannend

Eefje vertelt een spannend griezelverhaal.

stoffen

In de naaiwinkel liggen stoffen in alle kleuren op de plank.

lokaal

In het lokaal is versiering aanwezig.

exemplaar

De boeken zijn bijna op; dit is het laatste exemplaar.

massaal

Het publiek stemde massaal op de eerste kandidaat.

nuttig

Een zaklamp is heel nuttig als je in het donker kampeert.

belangrijk

Goed luisteren in de klas is heel belangrijk.

veilig

Met je gordel om zit je veilig in de auto.

bijzonder

Mijn opa heeft een bijzonder oude postzegel in zijn verzameling.

schrijver

De schrijver van dit boek is heel beroemd.

bewijs

De rechercheur zoekt naar een belangrijk bewijs in de zaak.

feiten

In mijn spreekbeurt staan allemaal interessante feiten over haaien.

tijdschrift

Mijn oma leest elke week haar favoriete tijdschrift.

vrijwilliger

Mijn opa helpt als vrijwilliger in het verzorgingshuis.

rijkdom

De schat in het verhaal stond voor de rijkdom van de oude koning.

geleidelijk

Het werd geleidelijk kouder toen de herfst begon.

gordijnen

Mama hangt nieuwe gordijnen voor het raam.

verleiding

De verleiding om nog een koekje te pakken was te groot.

verleidelijk

De geur van verse appeltaart was zo verleidelijk dat ik meteen een stuk wilde.

abdij

De monniken wonen samen in een oude abdij.

website

Voor meer informatie kun je op onze website kijken.

actie

De actie van de supermarkt is een groot succes.

centrum

Het centrum van Amsterdam is nog niet autovrij.

extra

Vincent heeft extra goed zijn best gedaan om zijn opstel netjes te schrijven.

succes

Ik wens je veel succes bij het maken van je toets.

publiek

Het publiek klapte hard na de voorstelling.

directeur

De directeur van de school heet meneer De Vries.

station

We wachten op het station tot de trein komt.

interview

De schoolkrant houdt een interview met de nieuwe juf.

sociaal

Als je rekening houdt met andere mensen, ben je sociaal.

discussie

In de klas hadden we een lange discussie over het schoolreisje.

campagne

Op school is er een campagne tegen pesten begonnen.

kampioen

Het team werd dit jaar kampioen van de competitie.

professor

professor Vogel legt uit hoe de zwaartekracht werkt.

kinderen

De kinderen vinden die auto niet mooi.

bedrijven

In de havenstad zijn veel grote bedrijven gevestigd.

gebouwen

Ze slapen in leegstaande gebouwen.

hoeven

Het paard heeft vier harde hoeven onder zijn poten.

wedstrijden

Doe jij graag mee met de wedstrijden?

bloemen

De bloemen bloeien in de lente.

bewijzen

De rechercheur zocht naar bewijzen om de dief te kunnen pakken.

grenzen

De rivier vormt de grenzen tussen de twee landen.

kleren

Na het voetballen waren mijn kleren helemaal modderig.

treinen

Op het station staan twee treinen klaar om te vertrekken.

goederen

De trein vervoerde zware goederen naar de haven.

graven

Op de oude begraafplaats stonden tientallen graven met mooie stenen.

ziekenhuizen

In grote steden staan vaak meerdere ziekenhuizen voor zieke mensen.

musea

In Amsterdam kun je veel verschillende musea bezoeken.

gemeente

Mijn vader haalt zijn nieuwe paspoort op bij de gemeente.

totaal

Tel alle bedragen op en schrijf het totaal onderaan de rekening.

regering

De regering neemt belangrijke beslissingen voor het hele land.

pagina

Op pagina 3 begint het boek.

verhalen

Voor het slapengaan leest papa altijd spannende verhalen.

vakantie

In de zomer gaan wij met de hele familie op vakantie.

gegevens

De juf noteert alle gegevens van de leerlingen in de computer.

gouden

Wie wint er deze keer een gouden medaille?

traditie

Wij houden elk jaar een familieweekend; dat is een traditie.

methode

Wat is de beste methode om te leren lezen?

gedichten

In de poëzieles lazen we mooie gedichten voor.

gevaren

De gids waarschuwde ons voor de gevaren in de bergen.

directie

De directie is blij met zijn personeel.

planeten

In ons zonnestelsel draaien acht planeten om de zon.

zaterdag

Op zaterdag moet Joop altijd voetballen.

rechtbank

Bij de rechtbank doen ze een uitspraak over diefstal.

tentoonstelling

In het museum is een tentoonstelling van oude schilderijen te zien.

winkelcentrum

Op zaterdag is het altijd druk in het winkelcentrum.

politieagent

De politieagent hield de auto staande omdat de bestuurder veel te hard reed.

stadhuis

Het bruidspaar trouwde in het oude stadhuis van de stad.

klimaatverandering

Door de klimaatverandering worden de zomers op aarde steeds warmer.

scheidsrechter

De scheidsrechter floot voor een strafschop tijdens de wedstrijd.

speeltuin

Anne speelt graag in de speeltuin.

pannenkoeken

Op woensdag bakt papa heerlijke pannenkoeken voor het hele gezin.

grootouders

In de vakantie logeer ik altijd een weekje bij mijn grootouders op de boerderij.

zwaartekracht

Door de zwaartekracht valt een appel altijd naar beneden en niet omhoog.

achtbaan

In het pretpark durfde Amir eindelijk in de achtbaan.

wereldkampioenschap

Nederland deed mee aan het wereldkampioenschap voetbal en haalde de finale.

België

We rijden door België als we op vakantie naar Frankrijk gaan.

officiële

De directeur leest de officiële uitslag van de wedstrijd voor.

financiële

Mijn ouders praten soms over de financiële kant van een vakantie.

Australië

In Australië leven kangoeroes en koala's in het wild.

Italië

Volgende zomer gaan we met de auto op vakantie naar Italië.

ideeën

Deze website staat vol allerlei leuke ideeën voor dagjes weg.

geïnteresseerd

Mijn broer is heel erg geïnteresseerd in dinosaurussen.

patiënt

De patiënt heeft eerst nog rust nodig.

industriële

Vroeger stonden hier grote industriële fabrieken vol machines.

poëzie

Verhalen noem je proza en gedichten noem je poëzie.

categorieën

De boeken in de bibliotheek zijn in verschillende categorieën verdeeld.

geïnstalleerd

De meester heeft een nieuw programma op alle computers geïnstalleerd.

coördinator

De coördinator van het schoolreisje regelde de bussen en de tickets.

knieën

Tijdens het voetballen viel Sander en schaafde hij allebei zijn knieën.

liedje

Op het schoolfeest zongen we samen een vrolijk liedje.

filmpje

Mijn opa stuurt elke dag een grappig filmpje in de groepsapp.

cadeautje

Voor haar verjaardag kreeg Noor een klein cadeautje van de juf.

cadeautjes

Op het feestje lagen alle cadeautjes op een grote stapel.

hondje

Niemand redt het kleine hondje uit de sloot.

nachtje

Mijn ouders gingen een nachtje naar een 5 sterren hotel.

blaadje

Aan de boom hing nog maar één geel blaadje.

duwtje

Met een klein duwtje kreeg Sara haar fiets weer aan het rijden.

bonnetje

Om die schaal te kunnen ruilen, heb je het bonnetje nodig.

autootje

Het kleine autootje van Tom rijdt op batterijen.

riviertje

Achter het huis stroomde een smal riviertje door de wei.

sterretje

De juf plakte een gouden sterretje op mijn schrift.

lammetje

In de wei huppelt een pasgeboren lammetje achter zijn moeder aan.

tipje

Ze liet alleen een klein tipje van de verrassing zien.

Van lijst naar dictee

Probeer drie woorden meteen als luisterdictee (groep 7)

Gratis · geen account nodig · vragen worden vers gegenereerd

Veelgestelde vragen

Zijn dit de woorden van de toets?

Nee. De woorden zijn origineel en gemaakt in de stijl van schooldictees en de dictees in het leerlingvolgsysteem — ze komen niet uit officiële toetsen van Cito, IEP of ROUTE 8. De spellingcategorieën zijn wel dezelfde als die op school aan bod komen, dus je kind oefent de juiste stof.

Hoe gebruik ik deze lijst voor een dictee thuis?

Lees de voorbeeldzin voor, herhaal het woord en laat je kind het opschrijven. Bespreek de fouten kort na: bij weetwoorden helpt het om het woord nog een keer goed op te schrijven. Herhaal de foutgeschreven woorden na een paar dagen — dan blijven ze pas echt hangen.

Waarom zijn de dicteewoorden van groep 7 zo lastig?

Omdat je bij veel woorden niet meer hoort hoe je ze schrijft. Leenwoorden als portemonnee en machine volgen Franse spelling, en bij trema’s zoals reünie moet je kind de regel én het woordbeeld kennen. Vaak zien, horen en schrijven is de enige weg — daarom staat er bij elk woord audio.

Hoe vaak moet mijn kind dicteewoorden oefenen?

Kort en vaak wint: tien woorden per dag werkt beter dan een uur in het weekend. Laat de woorden die fout gingen na een paar dagen terugkomen. Een online sessie duurt een paar minuten, dus het past makkelijk na school.

Verder oefenen

Luisterdictee

Hoe het online dictee werkt — met echte stem en uitleg per woord.

Spelling groep 7

De complete taalverzorging-pagina voor deze groep.

Dicteewoorden groep 5

De oefenlijst op groep 5-niveau.

Dicteewoorden groep 6

De oefenlijst op groep 6-niveau.

Liever meteen oefenen?

In het luisterdictee hoort je kind deze woorden met een echte stem — en kijkt Oefenplaneet direct na.

Gratis luisterdictee starten →
Oefenplaneet

Oefenplaneet is een onafhankelijk oefenplatform en is niet verbonden aan, goedgekeurd door of gelieerd aan Stichting Cito, IEP (Bureau ICE), ROUTE 8 of enige andere toetsaanbieder. Alle genoemde merknamen zijn eigendom van hun respectieve houders. De oefenvragen op dit platform zijn origineel en niet afkomstig uit officiële toetsen.